Meren in de Rockies

Na ons noordelijke avontuur was het tijd voor de Rockies.

Een lange weg via Prince George (houthakkersstadje) naar Jasper; Anke’s favoriete plek op aarde. Rijden in Canada is een hele andere bezigheid dan in Nederland. De wegen zijn relatief leeg, de automobilisten beleefder, het landschap prachtig, kans op beren en ander wildlife langs de weg. Een paar honderd kilometer meer of minder maakt hier niet uit.

Bij aankomst in Jasper wachtte ons een verassing… waar waren de wapitiherten (Elk)? In voorgaande jaren struikelde je over die enorme herten voordat je Jasper binnen kwam. Nu geen hert te bekennen… Eerst maar even ingecheckt in onze blokhut met sjieke badkamer en toen meteen op jacht. We vonden welgeteld 1 hele wapiti; een jong mannetje. Daar bleef het dit jaar bij…

Eerst maar even hallo gezegd tegen een oude bekende: Medicine Lake. Dit meer loopt in de lente vol met smeltwater en regen, om vervolgens, heel langzaam, als een badkuip weer leeg te lopen. In een hoek van het meer kun je het zelfs weg horen borrelen. Via onderaardse gangen komt het kilometers verderop weer uit in een meer. Koen kon hier leuk spelen met zijn zelfgemaakt ‘teletijdmachine’. Een motortje trekt heel langzaam een karretje over een zelfgemaakte dolly. Fototoestel op het karretje en om de paar seconden een foto. Als je die dan achter elkaar zet als een filmpje krijg je bijvoorbeeld 20 seconden voorbijtrekkende wolken, terwijl de voorgrond beweegt. Zoals ze hier zeggen: awesome!

Vervolgens naar Maligne lake. Op weg daarnaar toe zagen we een zwarte beer met 3 jongen! Toeristen veranderen in totale idioten als het om wildlife gaat. Ja, een foto is super, maar wij houden enige afstand, en blijven in of bij de auto. Er zijn mensen die naar een zware beer toelopen, en van een paar meter afstand met zo’n k*t-cameraatje met flits een foto maken. Een moederbeer kan erg gevaarlijk zijn, en als het beest aanvalt om z’n jongen te beschermen, dan wordt de beer zeer waarschijnlijk afgeschoten.

Tijd voor een ontspannen wandeling bij Maligne lake. Het was weer drukker dan de vorige keer. Helaas hebben meer mensen ontdekt hoe geweldig het hier is. De meeste bezoekers zijn bussen met Aziatische mensen die in hordes uit een bus rennen om wat foto’s te maken en dan na 15 minuten weer vertrekken. ‘Doing Canada in a week’. Als je gaat wandelen ben je zo weer alleen.
De wandeling voerde ons deze keer naar de Bald hills. Eerder deze vakantie hebben we ook gewandeld in zeer beerrijke omgeving, dus voor het eerst dit jaar maar beerspray gekocht; een soort pepperspray. Die hangt in een houder heel stoer aan Koen’s broek. Hij loopt hier als John Wayne over de wandelpaden.
Langs het wandelpad stonden heel veel bessenstruiken, en op het pad lag het vol met berenpoep. De bessen waren nog niet eens goed verteert, wat de chipmunks een ware lekkernij vonden. Mooi toch, al die recycling hier. Overigens geen beer gezien daar.

Nog even naar Moose lake om het af te maken. En daar gaat onze theorie. Die was namelijk dat bij plekken die vernoemd zijn naar dieren, nooit die betreffende dieren te vinden zijn. Deer-river; geen hert te zien. Bear-mountain; geen beren. Beaver-pond; rimpelloos en leeg… In Moose-lake… zwom een eland! Een vrouwtjeseland zwom heen en weer om te grazen van de waterplanten, onderwijl allerlei smakelijke smakgeluidjes makend. Ze genoot er duidelijk van. Ze was ook niet echt bang, dus we konden dichtbij komen en haar van alle kanten om het meertje heen fotograferen. We gingen rustig zitten en ze besloot direct naast ons uit het water te komen. We moesten zelfs even aan de kant gaan om haar wat ruimte te geven. Het is verboden naar wilde dieren toe te lopen, maar wat doe je als je zo stil zit dat ze bijna over je heen wandelen…
Na een uur begon het echt donker te worden. Bij Moose-lake zagen we een paar jaar terug van zeer (te) dichtbij een grizzly. In het donker daar rondhangen leek ons niet zo verstandig, dus namen we afscheid van ons fotomodel.

We meren wat af in Jasper National Park. In de ochtend een wandeling bij Patricia Lake waar wat bevers een prachtige burcht hadden gemaakt. Er zwommen er een paar in de verte. Een picknick bij Pyramid Lake, en natuurlijk Anke’s favoriet: Jasper lake. Dit prachtige meer in pasteltinten wordt grotendeels genegeerd door de toeristen, omdat het een beetje verscholen ligt achter een duin. Heerlijk rustig, op wat kuddes moeflons (bighorn sheep) na. Een kudde mannetjes was alvast aan het oefenen voor de grote testosteron-wedstrijd. Er werd wat vriendschappelijk geramd.

Dit jaar ook maar eens een bezoek gebracht aan Mount Robson Park. We reden er eigenlijk altijd doorheen, maar nu was het tijd voor een nader onderzoek. Alweer een meer op het menu, namelijk Kinney Lake.
Ook hier weer een smakelijk bos. Letterlijk, want het staat vol bessen en wel honderden soorten paddestoelen. Mount Robson liet zijn top niet helemaal zien, maar zo’n wolkenmuts is ook wel decoratief. Hier dragen de bergen ook regelmatig een wolkenboa. Zeer fotogeniek.
De herfst laat zijn prachtige kleuren zien en overal zit mos. Wat een rijkdom hier.

Na een laatste bezoek aan Jasper Lake via de geweldige Icefields Parkway verder naar het zuiden. Deze weg vol gletsjers hebben we vaker gereden, maar het blijft een van de mooiste stukjes asfalt ter wereld. Overal bergen, gletsjers, watervallen, rivieren en bossen, en dit alles in superlatieven.
Een wandeling van een paar uur op de Parker Ridge Trail, omhoog naar een fantastisch uitzicht over de Saskatchewan gletsjer.
En de zon schijnt nog steeds.

Inmiddels zitten we in Golden, in Kicking Horse mountain resort. Dit is een groot skigebied, wat nu praktisch verlaten is. Voor weinig geld hebben we een enorm appartement, met een badkamer die zo groot is als de gemiddelde motelkamer. Er zijn ongeveer 10 gasten in deze enorme ‘mountaineer lodge’. Lekker rustig. Na een heerlijke wandeling lekker in het enorme ligbad… wijntje erbij… haardvuurtje aan… Awesome!

3 thoughts on “Meren in de Rockies

Geef een reactie